latijn woorden.txt

Card Set Information

Author:
Marius
ID:
103813
Filename:
latijn woorden.txt
Updated:
2011-11-21 15:06:12
Tags:
latijn woorden 14
Folders:

Description:
latijn woorden H 14
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Marius on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. mox
    weldra, snel daarna
  2. posterus, (vrl.), (onz.)
    postera, posterum - volgend
  3. diu
    lange tijd
  4. fama
    • gerucht
    • reputatie
  5. vacuus, (vrl.), (onz.)
    vacua, vacuum - leeg
  6. annus
    jaar
  7. infero, perf. (inf.)
    • intuli (inferre) - brengen naar
    • veroorzaken, aandoen
  8. primo (bijw.)
    eerst
  9. magnitudo, gen. (geslacht)
    magnitudinis (vrl.) - grootte, omvang
  10. lingua
    • tong
    • taal
  11. pietas, gen. (geslacht)
    pietatis (vrl.) - plichtsgevoel, liefde, trouw
  12. se
    • (in A.c.I.) hij, zij (ev.), zij (mv.)
    • zich
  13. ostendo, perf. (inf.)
    ostendi (ostendĕre) - tonen, laten zien
  14. detraho, perf. (inf.)
    detraxi (detrahĕre) - ervan afrukken, wegnemen
  15. terra
    aarde, grond, land
  16. nudus, (vrl.), (onz.)
    nuda, nudum - naakt
  17. collum
    nek
  18. tollo, perf. (inf.)
    • sustuli (tollĕre) - optillen, opheffen
    • wegnemen
  19. ferme (bijw.)
    ongeveer
  20. venenum
    vergif, gif(drank)
  21. quaedam (geslacht?)
    (vrl.) - een zekere
  22. confirmo (inf.)
    (confirmare) - bevestigen, verzekeren
  23. auctor, gen.
    • auctoris - ontwerper
    • schrijver, zegsman
  24. deprehendo, perf. (inf.)
    deprehendi (deprehendĕre) - grijpen, betrappen
  25. nisi
    • als niet, tenzij
    • behalve
  26. fere (bijw.)
    bijna, ongeveer
  27. deduco, perf. (inf.)
    deduxi (deducĕre) - (naar beneden) leiden, wegleiden
  28. damno (inf.)
    (damnare) - veroordelen
  29. publicus, (vrl.), (onz.)
    publica, publicum - openbaar, algemeen
  30. ac
    en
  31. herba
    gras, kruid
  32. gero, perf. (inf.)
    gessi (gerĕre) - dragen
  33. pario, perf. (inf.)
    peperi (parĕre) - baren, voortbrengen
  34. opprimo, perf. (inf.)
    oppressi (opprimĕre) - onderdrukken

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview