materieel strafrecht

Card Set Information

Author:
san
ID:
114470
Filename:
materieel strafrecht
Updated:
2011-12-01 07:14:09
Tags:
strafrecht
Folders:

Description:
inleiding materieel strafrecht
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user san on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. wat is een strafbaar feit
    een menselijke gedraging die valt binnen een delictsomschrijving en die wederrechtelijk en aan schuld te wijten is.
  2. wat zijn de voorwaarden voor een strafbaar feit
    • menselijke gedraging
    • binnen delictomschrijving
    • wederrechtelijk
    • aan schuld te wijten
  3. wat is een menselijke gedraging in het recht
    uitoefenen van een wenselijke spierbeweging, kan doen of nalaten zijn
  4. wat is wederrechtelijk
    in strijd met het recht
  5. noem de elementen in de voorwaarden voor een strafbaar feit
    • wederrechtelijkheid
    • schuld
  6. noem de bestanddelen in de voorwaarden voor een strafbaar feit
    de onderdelen uit de delictsomschrijving
  7. noem de verschillen tussen elementen en bestanddelen
    elementen zijn ongeschreven voorwaarden. De bestanddelen staan altijd in de tenlastelegging
  8. noem 9 type delicten
    • 1 misdrijf
    • 2 overtredingen
    • 3 formele delicten
    • 4 materiële delicten
    • 5 commissiedelicten
    • 6 omissiedelicten
    • 7 gronddelicten
    • 8 gekwalificeerde delicten
    • 9 geprivilegieerde delicten
  9. Noem 1 kenmerk van misdrijven en het boek waar ze in staan
    er staat altijd een gevangenisstraf op. Ze staan in boek 2 Sr
  10. noem 1 kenmerk van een overtreding en geef aan in welk boek ze staan
    er staat alleen een geldboete of hechtenis voor. Ze staan in boek 3 Sr
  11. wat zijn formele delicten
    delicten die een bepaald handelen strafbaar stellen
  12. wat zijn materiële delicten
    delicten die het intreden van een bepaald gevolg strafbaar stellen
  13. wat zijn commissiedelicten
    delicten die een bepaald handelen strafbaar stellen
  14. wat zijn ommissiedelicten
    delicten die een bepaald nalaten strafbaar stellen
  15. wat is het verschil tussen formele en materiële delicten
    de wijze waarop het delict in de wet is omschreven
  16. wat is het verschil tussen commissie- en ommissiedelicten
    handelen versus nalaten
  17. wat is een gronddelict
    het basisdelict, nulpunt
  18. wat is een gekwalificeerd delict
    gronddelict met een extra bestandsdeel waardoor het delict zwaarder wordt
  19. wat is een geprivilegeerd delict
    gronddelict met een extra bestandsdeel waardoor het delict lichter wordt
  20. geef een voorbeeld van een gekwalificeerd delict
    • gronddelict is doodslag
    • gekwalificeerd delict is moord
  21. geef een voorbeeld van een geprivilegieerd delict
    • gronddelict is doodslag
    • geprivilegieerd delict is kinderdoodslag
  22. wat is de betekenis van wederrechtelijkheid als bestandsdeel
    • zonder toestemming rechthebbende
    • bestandsdeel is element
  23. wat is de leer van Remmelink
    de leer van wederrechtelijkheid als bestandsdeel is zonder toestemming van rechthebbende
  24. wat is wederrechtelijkheid als bestandsdeel is element
    in strijd met het recht
  25. wat zijn de kenmerken van boos opzet
    • men handelt willens en wetens
    • men weet dat men de wet overtreed en wil dat ook
    • opzet is een beschuldiging
  26. wat zijn de kenmerken van kleurloos opzet
    • men handelt willens en wetens
    • dat hij zo handelt is voldoende
    • of hij dat wist of niet wist is niet van belang
    • opzet is constatering
  27. opzet kan twee betekenissen hebben, welke zijn dat
    • boos opzet
    • kleurloos opzet
  28. welke vormen van opzet zijn er
    • opzet als bedoeling => oogmerk
    • opzet als zekerheidsbewustzijn
    • opzet als waarschijnlijkheidsbewustzijn
    • voorwaardelijk opzet
  29. wat is opzet als bedoeling
    dader heeft een bepaald doel voor ogen, hij wil dat het gevolg optreedt
  30. noem voorbeelden van een naaste doel en een uiteindelijk doel bij Opzet als bedoeling
    • uiteindelijk doel: zijn geld terugkrijgen
    • naaste doel: iemand bedreigen
  31. wat is opzet als zekerheidsbewustzijn
    de opzet wat niet gericht op een beoogd gevolg maar de dader wist dat dit gevolg zou optreden
  32. wat is opzet als waarschijnlijkheidsbewustzijn
    de opzet was niet gericht op een beoogd gevolg maar de dader kon naar alle waarschijnlijkheid weten dat dit gevolg zou optreden
  33. wat is voorwaardelijk opzet
    lichtste vorm van opzet. De opzet was niet gericht op een beoogd gevolg maar de dader had kunnen weten dat dit gevolg zou optreden.
  34. wat voor criteria worden bij jurisprudentie genomen om te bepalen of gesproken kan worden van "voorwaardelijk opzet"
    • algemene bekendheid met gevolgen
    • aanmerkelijke kans tot gevolgen
  35. wat is een belangrijk arrest geweest voor de huidige gehanteerde criteria bij vaststellen "voorwaardelijk opzet" en wat houd dit in
    Porsche-arrest: er is sprake van voorwaardelijke opzet als de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat een bepaald gevolg intreedt en dat gevolg op de kop toe heeft genomen.
  36. wanneer is opzet te bewijzen
    als het voorwaardelijk opzet is
  37. Wat is schuld in strafrechtelijke zin
    de aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid
  38. wat is onvoorzichtigheid in het strafrecht
    risico's nemen die door de maatschappij als onaanvaardbaar of ongeloorloofd worden geacht
  39. wat is Garantenstellung
    door de specifieke kennis of deskundigheid van iemand worden aan die persoon hogere eisen van voorzichtigheid gesteld
  40. wat is het belangrijkste kenmerk van schuld
    de onvoorzichtigheid die iemand verweten kan worden
  41. wanneer is er sprake van verwijtbaarheid
    als een onvoorzichtige gedraging aan een verdachte kan worden toegerekend en er geen sprake is van een schulduitsluitingsgrond
  42. wanneer is sprake van aanmerkelijke schuld
    als de onvoorzichtigheid van voldoende betekenis is en de dader anders had kunnen en moeten handelen
  43. er zijn twee soorten schuld, welke zijn dat
    • bewuste en
    • onbewuste schuld
  44. wat geeft het onderscheid bewuste en onbewuste schuld aan
    het drukt de ernst van onvoorzichtigheid uit en geeft een betere grens tussen voorwaardelijke opzet en schuld
  45. wat is bewuste schuld
    • daar waar voorwaardelijke opzet ophoudt begint bewuste schuld;
    • verschil: bij voorwaardelijke opzet wordt het risico op de kop toe genomen, bij bewuste schuld is er sprake van een verkeerde inschatting van het risico
  46. wat is onbewuste schuld
    als een verdachte iets heeft gedaan of nagelaten waarvan hij had moeten weten dat hij anders had moeten handelen. Men denkt niet na over de mogelijke gevolgen.
  47. wat houdt causaliteit in
    dat er gekeken wordt naar het verband tussen oorzaak en gevolg
  48. wanneer is er sprake van causaal verband
    als het gevolg redelijkerwijs is toe te rekenen aan de dader
  49. wat is de leer van de redelijke toekenning
    als het gevolg van een daad redelijkerwijs is toe te rekenen aan de dader
  50. is er sprake van causaal verband als:
    het letsel in beginsel niet dodelijk is maar slachtoffer overlijdt toch, door omstandigheden waar de verdachte geen invloed op heeft uitgeoefend
    nee, geen causaal verband
  51. is er sprake van causaal verband als:
    het letsel in beginsel niet dodelijk is maar het slachtoffer overlijdt toch te wijten aan een normale complicatie
    ja, wel causaal verband
  52. is er sprake van causaal verband als:
    het letsel dodelijk zou zijn zonder ingrijpen maar door foutief medisch ingrijpen het slachtoffer toch overlijdt
    ja, wel causaal verband
  53. wanneer is causaal verband automatisch aangetoond
    als een verdachte had moeten voorzien dat zijn handelijk dodelijk gevolg zou hebben
  54. Wat voor strafuitsluitingsgronden zijn er
    • schulduitsluitingsgronden en
    • rechtvaardigingsgronden
  55. Wat is het kenmerk van rechtvaardigingsgronden
    het neemt de wederrechtelijkheid weg bij een strafbaar feit. Het feit is dus niet meer strafbaar
  56. wat is het kenmerk van schulduitsluitingsgronden
    het neemt de schuld weg bij een strafbaar feit, de dader is niet meer strafbar
  57. wat zijn de 5 rechtvaardigingsgronden
    • overmacht noodtoestand
    • noodweer
    • bevoegd gegeven ambtelijk bevel
    • wettelijk voorschrift
    • ontbreken materiële wederrechtelijkheid
  58. welk rechtvaardigingsgrond is een ongeschreven regel
    ontbreken materiële wederrechtelijkheid
  59. wat zijn de 5 schulduitsluitingsgronden
    • psychische overmacht
    • noodweerexces
    • onbevoegd gegeven ambtelijk bevel
    • ontoerekeningsvatbaarheid
    • afwezigheid van alle schuld
  60. welk schulduitsluitingsgrond is een ongeschreven regel
    AVAS
  61. wat zijn vereisten bij enkele schulduitsluitingsgronden
    • proportionaliteit (aanval in verhouding tot verdediging) en
    • subsidiariteit (er is geen andere mogelijkheid)
  62. geef aan wat overmacht noodtoestand inhoudt
    situatie waarbij een keuze moet worden gemaakt tussen twee botsende plichten, de wettelijke plicht en de maatschappelijke plicht.
  63. welk strafuitsluitingsgrond is overmacht noodtoestand
    rechtvaardigingsgrond
  64. wat zijn de vereisten van overmacht noodtoestand
    • acute nood
    • proportionaliteit
    • subsidiariteit
  65. geef aan wat onder noodweer wordt begrepen
    een noodzakelijke verdediging tegen een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding van eigen of andermans lijf, eerbaarheid of goed
  66. wat zijn de vereisten voor noodweer
    • een noodzakelijke verdediging
    • acuut
    • wederrechtelijk
    • een eigen of andersmas goed, lijf of eerbaarheid
  67. wat voor strafuitsluitingsgrond is noodweer
    rechtvaardigingsgrond
  68. is vrees genoeg voor noodweer
    nee
  69. aan welke vereisten moet de noodzakelijke verdediging bij noodweer voldoen
    • proportionaliteit
    • subsidiariteit
  70. geef aan wat onder bevoegd ambtelijk bevel als strafuitsluitingsgrond wordt begrepen
    iemand die een bevel opvolgt van een daartoe bevoegd persoon
  71. welk strafuitsluitingsgrond is "bevoegd ambtelijk gegeven bevel"
    rechtvaardigingsgrond
  72. geef aan wat onder het ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid wordt begrepen bij strafuitsluitingsgronden
    als juist door het overtreden van het wetsartikel hetzelfde doel van het wetsartikel wordt bereikt, veearts-arrest
  73. welk strafuitsluitingsgrond is het onbreken van de materiële wederrechtelijkheid
    rechtvaardigingsgrond
  74. wat wordt begrepen onder psychische overmacht
    als men gedwongen is een strafbaar feit te begaan door een acute van buiten komende drang of kracht waar men geen weerstand tegen kan bieden
  75. wat zijn de vereisten bij psychische overmacht
    • proportionaliteit
    • subsidiariteit
  76. welk strafuitsluitingsgrond is psychische overmacht
    schulduitsluitingsgrond
  77. wat is noodweerexces
    overschrijding van grenzen van de noodzakelijke verdediging en deze het gevolg zijn van hevige gemoedsbeweging door aanranding veroorzaakt
  78. welk strafuitsluitingsgrond is noodweerexces
    schulduitsluitingsgrond
  79. wat zijn de vereisten van noodweerexces
    • subsidiariteit
    • hevige gemoedsbeweging veroorzaakt door aanranding
  80. wat is een onbevoegd gegeven ambtelijk bevel
    als er een bevel wordt gegeven door iemand die daartoe niet bevoegd was en degene die bevel uitvoert niet wist of behoorde te weten dat men onbevoegd was
  81. welk strafuitsluitingsgrond is onbevoegd gegeven ambtelijk bevel
    schulduitsluitingsgrond
  82. wat is ontoerekeningsvatbaarheid
    een feit gepleegd door iemand met een ziekelijke stoornis van geestvermogens of gebrekkige ontwikkeling
  83. welk strafuitsluitingsgrond is ontoerekeningsvatbaarheid
    schulduitsluitingsgrond
  84. is verminderd ontoerekeningsvatbaarheid een strafuitsluitingsgrond
    nee
  85. Wat is AVAS
    Afwezigheid van alle schuld: als men dwaalt over de feiten en dit niet kon weten
  86. welk strafuitsluitingsgrond is AVAS
    schulduitsluitingsgrond
  87. welk bekende arresten zijn gekoppeld aan AVAS
    • het melk- en water-arrest
    • het motorpapierenarrest
  88. Wanneer is poging strafbaar
    als het om een misdrijf gaat en wanneer het voornemen van de dader zich door een begin van de uitvoering heeft geopenbaard
  89. wanneer is poging bij een overtreding strafbaar
    is niet strafbaar, poging bestaat niet bij overtredingen
  90. Wat is de strafmaat bij poging
    2/3 deel van de maximale strafbedreiging
  91. wanneer is er sprake van een voornemen bij een strafbare poging
    als er sprake is van opzet of voorwaardelijke opzet op het gronddelict
  92. Aan de hand van welke criteria kan worden bepaald of er sprake is van een begin van uitvoering bij een strafbare poging
    • subjectieve criteria
    • objectieve criteria
    • uiterlijke verschijningsvorm
  93. wat wordt bedoeld onder subjectieve criteria bij begin van uitvoering bij een strafbare poging
    de bedoeling van de dader staat centraal: er is sprake van een begin van uitvoering indien uit de handelingen van de dader blijkt dat deze de bedoeling heeft om het delict te voltooien
  94. wat wordt bedoeld onder objectieve criteria bij beging van uitvoering bij een strafbare poging
    handeling staat centraal: er is sprake van een begin van uitvoering als er daadwerkelijk een begin is gemaakt met het voltooien van het delict
  95. wat wordt verstaan onder uiterlijke verschijningsvorm als criteria bij begin van uitvoering bij een strafbare poging
    wat buitenwereld ziet/merkt staat centraal: er is sprake van een begin van uitvoering indien de gedraging naar uiterlijke verschijningsvorm beschouwd moet worden als te zijn gericht op voltooiing van het delict
  96. Wat is een ondeugdelijke poging
    als een poging om een delict te plegen mislukt
  97. welk onderscheid is er in ondeugdelijke poging
    • absoluut ondeugdelijke poging
    • relatief ondeugdelijke poging
  98. wat is een absoluut ondeugdelijke poging en geef 2 voorbeelden
    als het gebruikte middel op voorhand al ondeugdelijk is, bijv. voodoo-pop, iemand wurgen die al dood is
  99. wat is een relatief ondeugdelijke poging en geef 2 voorbeelden
    als een poging mislukt door meer of minder toevallige omstandigheid: als iemand die geen geld heeft overvallen wordt of iemand proberen te vergiftigen met een niet dodelijke dosis gif
  100. wat is strafbaar een absoluut ondeugdelijke poging of een relatief ondeugdelijke poging
    relatief ondeugdelijke poging
  101. wat is een vrijwillige terugtred
    als een dader zijn poging om een misdrijf te plegen stopt omdat hij dat zelf niet meer wil. Dader maakt een nieuwe afweging van omstandigheden en vanwege die afweging besluit hij van zijn plan af te zien
  102. wat zijn de voorwaarden voor vrijwillige terugtred
    • eigen wil
    • afweging
    • misdrijf moet niet begonnen of voltooid zijn

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview