Somatoforme stoornissen

Card Set Information

Author:
Anonymous
ID:
12137
Filename:
Somatoforme stoornissen
Updated:
2010-03-27 09:45:40
Tags:
Somatoforme psychiatrie
Folders:

Description:
Somatoforme stoornissen
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Anonymous on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. DSM IV Conversiestoornis?
    • A: motorische (spierzwakte, verlamming, spasme, moeilijk praten) of sensorische (ongevoeligheid pijn, doofheid, visuele strns) symptomen
    • B: verband met psychische factoren / begin / verergering
    • C: geen simulatie / nabootsing
    • D: belangerijk lijden
  2. Behandeling conversiestoornis/
    Fysiotherapie + gedragstherapie of hypnose
  3. DSM IV pijnstoornis?
    • A: Pijn op een of meer plaatsen
    • B: beperking lijden/functioneren
    • C: psychische factoren spelen belangerijke rol bij begin, ernst, verergering, voortduren pijn
  4. DSM IV Hypochondrie?
    • A: pre-occupatie met vrees of opvatting ernstige ziekte te hebben. Ondanks adequaat medisch onderzoek & geruststelling
    • B: lijden/beperking functioneren
    • C: duur: min 6 maanden!
  5. Behandeling Hypochondrie?
    • Psycho-educatie: begrepen voelen / agenda verbreden, reeele klacht / verband leggen psychisch=>fysiolog reacties /
    • CGT:
    • Cognitieve therapie
    • - Identificatie automatische gedachten
    • - Socratische wijze
    • - formuleren meer realistische gedachten
    • - Gedragsexperimenten *(toetsen)
    • Gedragstherapie
    • - Exposure in vivo + responspreventie
  6. DD hypochondrie/
    • 1 = OCD!
    • ( hypochondrische angsten lijken op dwanggedachten ; gerustsstellen = dwanghandeling)
    • Onderscheid:
    • - inhoud angsten
    • - @ OCD: ireeele gedachten, innerlijke weerstand, onsamenhangende ideeen, verborgen houden symptomen, geen somatische
    • - @ Hypochondrie: reeele evaluatie gedachten, geen weerstand, schema, openlijkheid, somatisch

    2= andere angststoornis
  7. E hypochondrie/
    3 x: somatosensorische ampl / hypervigilantie / cognitief gedragsmatig
    • Somato-sensorische amplificatiemodel: normale lichamelijke sensaties als schadelijk ervaren
    • Hypervigilantie hypothese: door catastrofale ideeen -> verhoogde aandacht voor klachten (vergrootglas)
    • Cognitief gedragsmatig model: negatieve interpretaties, angst en vermijdingsgedrag -> instandhouding!!
  8. DSM IV/ morfodysforie
    • A: preoccupatie met onvolkomenheid uiterlijk
    • B lijden/ beperking
  9. DSM IV ongedifferentieerde somatoforme stoornis?
    • A: één of meer lichamelijke klachten
    • B: niet passend bij somatische aandoening / veel erger dan verwacht
    • C: duur: min 6 maanden
  10. DSM IV Somatisatiestoornis?
    • A: 8 of meer lichamelijke klachten. Aantal jaren bestaan & begin < 30ste!!
    • (op enig moment 4 verschillende: 2x maagdarm / 1x seksueel / 1x neurolog
    • B: geen somatische aandoening // erger dan verwacht

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview