latijn woorden.txt

Card Set Information

Author:
Marius
ID:
127172
Filename:
latijn woorden.txt
Updated:
2012-03-04 04:51:09
Tags:
latijn woorden 22
Folders:

Description:
latijn woorden H 22
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Marius on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. do, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    dedi, datus (dare) - geven
  2. certo (inf.)
    (certare) - strijden, wedijveren
  3. occido, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    occidi, occisus (occidĕre) - doden
  4. decerno, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    decrevi, decretus (decernĕre) - besluiten tot, beslissen
  5. ruo, perf. (inf.)
    rui (ruĕre) - zich storten, snellen, instorten
  6. resisto, perf. (inf.)
    restiti (resistĕre) - zich verzetten, weerstand bieden
  7. signum
    • teken
    • veldteken
  8. augeo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    auxi, auctus (augere) - vermeerderen, vergroten
  9. persuadeo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.) + welke naamval?
    persuasi, persuasum (persuadere) + dat. - overreden, overtuigen
  10. primum (bijw.)
    eerst, voor het eerst
  11. assiduus
    onafgebroken, voortdurend
  12. turpis, onz.
    turpe - schandelijk
  13. accipio, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    • accepi, acceptus (accipĕre) - ontvangen, verkrijgen
    • vernemen
  14. prior, gen.
    • prioris - eerder
    • vroeger
  15. credo, perf. (inf.)
    • credidi (credĕre) - (+ dat.) geloven, vertrouwen, toevertrouwen
    • (+ A.C.I.) geloven, menen, brengen tot/naar
  16. perduco, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    perduxi, perductus (perducĕre) - brengen tot/naar
  17. nego (inf.)
    • (negare) - weigeren
    • (+ A.C.I.) ontkennen, zeggen dat niet
  18. includo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    inclusi, inclusus (includĕre) - insluiten, opsluiten
  19. plures (mv.)
    meer, meerdere(n)
  20. genus, gen. (geslacht)
    • generis (onz.) - afkomst, geslacht
    • soort
  21. commoveo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    • commovi, commotus (commovere) - bewegen
    • ontroeren, schokken
  22. crimen, gen. (geslacht)
    criminis (onz.) - beschuldiging
  23. maior, gen.
    maioris - groter
  24. mensis, gen. (geslacht)
    mensis (mnl.) - maand
  25. fleo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    flevi, fletus (flere) - (be)wenen, huilen (om)
  26. interdum (bijw.)
    soms
  27. plerique
    de meeste(n), zeer vele(n)
  28. legio, gen. (geslacht)
    legionis (vrl.) - legioen
  29. videor, perf. (inf.) + welke naamval?
    visus sum (videri) (+ dat.) - (toe)schijnen (aan)
  30. valeo, (inf.)
    (valere) - krachtig zijn, gezond zijn
  31. desum, perf. (inf.)
    defui (deesse) - ontbreken
  32. peto, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    • peti(v)i, petitus (petĕre) - vragen
    • streven naar
  33. bene (bijw.)
    goed
  34. qualis, onz.
    • quale - hoedanig
    • zodanig als
  35. opto (inf.)
    (optare) - wensen
  36. cremo (inf.)
    (cremare) - verbranden
  37. Romae
    in Rome
  38. princeps, gen.
    • principis - de eerste, leider
    • keizer
  39. admitto, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    admisi, admissus (admittĕre) - toelaten
  40. facilis, onz.
    facile - gemakkelijk
  41. vale!
    gegroet!, het beste!, tot ziens!
  42. Kalendae (= Kal.)
    Kalendae (1e van de maand)
  43. condo, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    • condidi, conditus, (condĕre) - stichten
    • opbergen
  44. vulgus (geslacht) (volgens welke groep wordt dit ombogen?)
    (onz.) (dominus-groep) volk
  45. praesens, gen.
    praesentis - aanwezig
  46. discedo, perf. (inf.)
    • discessi (discedĕre) - weggaan
    • uiteengaan
  47. hora
    uur
  48. defero, perf., participia
    passief van het perf. (inf.)
    detuli, delatus (deferre) - (weg)brengen
  49. caelum
    hemel
  50. aeger, (vrl.), (onz.)
    aegra, aegrum - ziek

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview