ASOP laboratoriumwerk 43-94

Card Set Information

Author:
Anubie
ID:
205423
Filename:
ASOP laboratoriumwerk 43-94
Updated:
2013-03-06 15:34:54
Tags:
ASOP laboratoriumwerk 43 94
Folders:

Description:
ASOP laboratoriumwerk 43-94
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Anubie on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Wat is de normale hoeveelheid urine per etmaal van een volwassene?
    Volwassenen en kinderen vanaf 10 jaar 1000 tot 2000 ml, meestal 1200-1700ml
  2. Wat is de definitie van de dichtheid van urine en hoe is dat weergegeven in een formule?
    onder de dichtheid van urine verstaat men het aantal grammen dat 1cm3 (1ml) van de urine weegt. Formule: D(dichtheid) = Massa/Volume, Massa = gewicht en volume = hoeveelheid
  3. Wat is het doel van het bepalen van de dichtheid van urine
    De dichtheid van water is per definitie 1,000. Dat wil zeggen dat 1 cm3 water 1 gram weegt. Als de dichtheid van de urine bv 1,019 is, weegt 1cm3 van deze urine 1,019 gram
  4. Mag urine voor het bepalen van de dichtheid gecentrifugeerd of gefiltreerd zijn?
    Nee, daardoor kunnen stoffen die de dichtheid mede bepalen worden weggevangen.
  5. Wat is de referentiewaarde van de dichtheid van urine bij een goed werkende nier?
    1,015 tot 1,025
  6. Noem een 3-tal oorzaken van een te hoge dichtheid van de urine
    • Hoge glucoseuitscheiding
    • Hoge eiwituitscheiding
    • Aanwezigheid van rontgencontrastmiddelen
  7. Wat betekent een dichtheid van de urine van 1,021?
    Dat 1cm3 van deze urine 1,021 gram weegt, dus dat op 1 liter 21 gram afvalstoffen aanwezig zijn.
  8. Wat is het principe van de refractometer?
    De meting met de refractometer berust op het feit dat er lichtbreking optreedt, wanneer er lichtstralen in een vloeistof vallen. Deze lichtbreking is afhankelijk van de hoeveelheid opgeloste stoffen in de vloeistof en is dus afhankelijk van de dichtheid van de urine.
  9. Is voor het meten van de dichtheid in urine de temperatuur van belang?
    Ja, urine moet op kamertemp of op temp die op de meter staat bepaald worden
  10. Wat is van belang bij het aflezen van de dichtheid met behulp van een urometer?
    Dat de urometer zich vrij in de vloeistof beweegt en dat op ooghoogte wordt afgelezen waar de meniscus van de vloeistof samenvalt met het getal op de schaalverdeling
  11. Wanneer 1 liter van een vloeistof 1016 gram weegt, wat is dan de dichtheid?
    1,016
  12. Noem enkele stoffen die een afwijkende kleur aan urine kunnen geven
    • Bloed: rood tot roestbruin
    • Bilirubine: bruingroen
    • Urobiline: bruin en helder
    • Laxeermiddelen (bv Agarol): rode kleur
    • Voeding, rode bieten: rood
  13. Welke geur van de urine kan wijzen op een UWI?
    Rottingsgeur (rotte eieren, H2S-geur), ammoniak in vers geloosde urine
  14. Wat is de beste manier om een urometer te controleren?
    Door op kamertemp te vergelijken met aqua dest dat 1000 moet geven of door een vloeistof met een bekende dichtheid te meten, bijv. 40 gram NaCl per liter bij 20 graden gemeten geeft een dichtheid van 1,029
  15. Wanneer 20 ml urine 20,095 gram weegt wat is dan de SM van de urine?
    D= M/V = 20,095/20 = 1,0475 = 1,048
  16. Bereken de SM van de urine:
    Dichtheid Aqua Dest 1,002
    Afgelezen dichtheid van de urine 1,021
    • Dichtheid Aqua Dest is te hoog, moet 1,000 zijn.
    • Dichtheid urine 1,021 moet zijn 1,021 - 0,002 = 1,019
  17. Wat verstaat men onder hematurie en hoe kan men dit waarnemen?
    Erytrocyten in de urine, te zien bij een sediment
  18. Kan bilirubine in urine tegen zonlicht en zo ja, wat neemt men dan waar?
    Nee, door ultraviolette stralen wordt het bilirubine afgebroken (denk aan gele baby) deze wordt onder een lamp geplaatst zodat ze ontkleurt (urine of baby?!)
  19. Bij welke pH is een vloeistof zuur, alkalisch en neutraal?
    • zuur: 0-7
    • neutraal: 7
    • alkalisch: 7-14
  20. Wat kan de reactie (lees: pH) van urine beïnvloeden?
    De pH kan worden beïnvloed door het opgenomen voedsel, de stofwisseling en het lange staan van de urine
  21. Welke proteïnurie is niet pathologisch?
    Orthostatische proteïnurie, deze ontstaat vaak bij een bepaalde staande houding
  22. Onder welke omstandigheden kan een eiwitteststrookje een fout-positieve uitslag geven?
    • Bij gebruik van bepaalde medicatie
    • Door resten van schoonmaakmiddelen
    • Door desinfecteermiddelen
  23. Wat verstaat men onder een hemoglobinurie?
    Er bevinden zich geen ery's in de urine, wel is de rode bloedkleurstof hemoglobine in de urine aanwezig
  24. Welke invloed heeft vitamine C op de teststrip en testtablet om bloed aan te tonen?
    Een fout-negatieve uitslag (reductie producten)
  25. Welke invloed hebben in het algemeen reinigingsmiddelen op teststrips of tabletten?
    Geven een fout-positieve uitslag (oxidatie producten)
  26. Welke invloed heeft in het algemeen vitamine C op teststrips en tabletten?
    Een fout-negatieve uitslag
  27. Welke belangrijke stof is aanwezig op het teststrookje om leuko's aan te tonen?
    De werking van het leuko-teststrookje berust op de esterase-activiteit van de granulocyten. Dit is een enzym dat een stof op het teststrookje kan splitsen waardoor er uiteindelijk een kleuromslag kan plaatsvinden van beige naar violet
  28. Uit welke twee onderdelen bestaat het urinesediment?
    Het georganiseerd en ongeorganiseerd sediment
  29. Welk sediment is klinisch het belangrijkst?
    Het georganiseerde sediment
  30. Wat is het verschil tussen ery's en leuko's in een sediment?
    • Ery's zijn kleiner dan leuko's
    • Ery's hebben geen kern, leuko's wel
    • Ery's lichten op, leuko's niet
    • Ery's kunnen kantelen van haltervorm naar rondevorm
  31. Wat is het verschil tussen een ery en een gistcel in een sediment?
    Ery's hebben geen knopje op de celwand, een gistcel wel.
  32. Wat is osmose?
    De vermenging van vloeistoffen via een halfdoorlaatbaar of semipermeabele wand. Deze wand kan bijv. wel waterdeeltjes doorlaten maar geen eiwit.
  33. Welke structuur krijgt een ery wanneer het zich bevindt in hypertone urine?
    Zal door de druk verschrompelen (doornappelstructuur)
  34. Welke structuur krijgt een ery in hypotone urine?
    Zal bol gaan staan en kan dan barsten.
  35. Wat is voor de herkenning van cilinders in het urinesediment van belang te weten?
    Ze komen alleen in zure urine voor, zijn aan de uiteindes stomp en overal even dik
  36. Hoelang en met welk toerental wordt het urinesediment gecentrifugeerd?
    In de regel 5 minuten bij 1500-2000 toeren (afhankelijk van het type centrifuge)
  37. Wat is een bacteriurie?
    Het voorkomen van bacteriën in de urine
  38. Wat is het principe van de nitur-test?
    Het principe van de nitur-test is dat de meest voorkomende bacterien die een UWI veroorzaken, het in de urine aanwezige nitraat reduceren tot nitriet. Dit nitriet wordt in een specifieke reactie via een roze-rode verkleuring van de testzone aangetoond.
  39. Wat is een midstream-portie urine en hoe kan men zien of dat werkelijk zo is?
    Het middelste deel urine wat is opgevangen. Men kan dit zien doordat er nauwelijks epitheelcellen, afkomstig van de urinewegen, aanwezig zijn.
  40. Wat wordt er bij een dipslide-test bepaald en wat is de betekenis ervan?
    Bepaling van het kiemgetal, dat is het aantal bacterien per ml urine. De dipslide-test biedt de mogelijkheid om snel inzicht te krijgen in het kiemgetal van de bacterien, waardoor snel een blaasontsteking kan worden vastgesteld.
  41. Hoeveel uur moet het groentebevattende voedsel afvalstof minstens in de blaas aanwezig zijn voor een betrouwbare nitur-test?
    Minstens 4-6 uur
  42. Waarvan zijn de galkleurstoffen afbraakproducten?
    Van bloed.
  43. Komen de galkleurstoffen normaal in de urine voor?
    Slechts een klein deel komt in de urine voor zoals urobilinogeen en urobiline, hooguit als spoortje
  44. Wat verstaat men onder de enterohepatische kringloop, geef dit aan in een schema
    Lever naar galblaas naar darm naar bloed naar de lever terug
  45. In welke vorm kan bilirubine in urine worden uitgescheiden?
    Kan alleen als direct bilirubine via de nieren worden uitgescheiden
  46. Zal oude urine ook urobilinogeen bevatten? Zo ja/nee, hoe kan dit?
    Nee, zodra het met zuurstof in aanraking komt wordt het omgezet in urobiline.
  47. Hoe noemt men de aanwezigheid van bilirubine in de urine?
    Bilirubinurie
  48. Noem drie mogelijkheden om bilirubine in de urine aan te tonen
    • Tablettentest, zoals de icto-test
    • Dmv een teststrookje
    • Met de schudproef
  49. Welke stof wordt bij de zwangerschapstest aangetoond
    HCG, humaan choriongonadotrofine hormoon
  50. Geef in schema de werking van elke zwangerschapstest weer
    Urine met HCG + antistof tegen HCG > zichtbare reactie zoals agglutinatie of kleurverandering, het verschijnen van een + of - teken of een gekleurd streepje of balkje.
  51. Hoe worden de zwangerschapstests genoemd die tegenwoordig veel gebruikt worden
    Monoklonale zwangerschapstests
  52. Mag een deel van de reagentia van een zwangerschapstest worden gebruikt bij een andere set reagentia van een zwangerschapstest?
    Nee, denk aan vervuiling en verloop data reagentia

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview