NIMA Marketing A hoofdstuk 17

Card Set Information

Author:
Sophie1984
ID:
269402
Filename:
NIMA Marketing A hoofdstuk 17
Updated:
2014-04-06 10:29:44
Tags:
NIMA Marketing hoofdstuk 17
Folders:
NIMA Marketing A hoofdstuk 17
Description:
NIMA Marketing A hoofdstuk 17
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Sophie1984 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Waarom is het belangrijk concrete doelen te stellen in het operationele prijsbeleid?
    Bij vage doelen zal de verantwoordelijke functionaris altijd stellen dat 'dit het hoogst haalbare onder deze omstandigheden was'
  2. Wat is onderscheidend prijsbeleid?
    Je dmv de prijs onderscheiden
  3. Bij welke producten is onderscheidend prijsbeleid goed toepasbaar?
    Producten waarvan de consument een slecht prijsbewustzijn heeft en die zich duidelijk onderscheiden van de concurrent
  4. Welk prijsbeleid kiest men bij producten die duidelijk te onderscheiden zijn van de consument?
    Onderscheidend prijsbeleid
  5. Welk prijsbeleid kiest men voor producten waarvan de consument een slecht prijsbewustzijn heeft?
    Onderscheidend prijsbeleid
  6. Welke twee vormen van prijsbeleid kennen we?
    actief en passief
  7. Wat is een ander woord voor actief prijsbeleid?
    price competition
  8. Wat kunnen we lezen in de individuele prijs-afzetcurve?
    De relatie tussen de prijs en afzet van een bepaald product
  9. Hoe beweegt een onderneming zich ten opzichte van de prijs-afzetcurve bij een actief prijsbeleid?
    Langs de prijs-afzetcurve
  10. Wat betekent het als een onderneming langs de prijs-afzetcurve beweegt?
    Men hanteert een actief prijsbeleid
  11. Wat betekent het als de prijs-afzetcurve in zijn geheel naar rechts schuift?
    Men maakt gebruik van een passief prijsbeleid
  12. Als men n.a.v. passief prijsbeleid meer afzet en als reactie daarop de prijs verhoogt, is het dan actief prijsbeleid?
    • ja, alle prijswijzigingen zijn actief prijsbeleid
    • nee, het is niet gericht op concurrentie
  13. Noem een belangrijk kenmerk van actief prijsbeleid
    Het is gericht tegen concurrentie
  14. In welke 6 gevallen zullen ondernemingen actief prijsbeleid toepassen?
    • introductie nieuw product
    • marktveranderingen
    • aanboren nieuwe markten
    • opruimen overtollige voorraden
    • stimuleren afzet gehele assortiment
    • verlenen medewerking wederverkopers
  15. Wat zijn drie belangrijke aandachtspunten bij het introduceren van een nieuw product?
    • hoe nieuw is het product voor de markt
    • wie zijn de afnemers
    • wa zal de reactie van de concurrentie zijn
  16. Hoe noemen we het als een nieuw product boven de evenwichtsprijs wordt verkocht en daarna de prijs in stapjes omlaag gaat?
    Afroomprijsstrategie, afroompolitiek, skimming, creaming, skimming price policy
  17. Wat zijn andere benamingen voor Afroomprijsstrategie?
    skimming price policy, creaming
  18. Wat is een ander woord voor creaming?
    Afroomprijsstrategie
  19. Wat is het consumentensurplus?
    Het deel van de potentiële opbrengst dat kan worden behaald boven de evenwichtsprijs. Men kan dat behalen door afroompolitiek toe te passen.
  20. Welke producten zijn zeer geschikt voor afroompolitiek?
    innovatieve, duurzame, tamelijk vraag in-elastische producten waarop men geen reactie van de concurrent verwacht op korte termijn
  21. Hoe kan men bij een innovatief product concurrentie weren?
    Door patenten aan te vragen.
  22. Waarom maakt men in de afroompolitiek vaak geen gebruik van schaalvergroting?
    Men kan nog niet op grote schaal produceren (nog niet uitgevonden)
  23. Wat zijn economies of scale?
    schaalvoordelen
  24. Wat is een ander woord voor schaalvoordelen?
    Economies of scale
  25. Hoe noemt men de strategie waarbij men een nieuw product op de markt brengt tegen een zo laag mogelijke prijs met als doel zsm een groot marktaandeel te veroveren?
    Penetratieprijsploitiek
  26. Als er veel concurrentie te verwachten is, de markt erg elastisch is en men gebruik kan maken van schaalvoordelen, welke prijsstrategie zet men dan in?
    Penetratieprijsstrategie
  27. Gaat bij de penetratieprijsstrategie de prijs na verloop van tijd omhoog?
    ja
  28. Wat is een nadeel van penetratieprijsstrategie?
    men laat het consumentensurplus liggen
  29. Wat is het verschil tussen de penetratieprijsstrategie en de expansieprijsstrategie?
    De laatste wordt toegepast op een markt waar het product reeds verkocht wordt. De eerste is een nieuw product.
  30. Wat is het verschil tussen stay out-pricing en put out-pricing?
    Put out-pricing is agressiever, heeft als doel een prijzenoorlog te ontketenen en dwingt concurrenten de markt te verlaten. Stay out-pricing maakt het toetreden van de markt door lage prijzen (=lage winsten) onaantrekkelijk/onmogelijk
  31. Wat is het verschil tussen prijsdiscriminatie en prijsdifferentiatie?
    Prijsdifferentiatie is een andere prijs berekent op andere kosten. Prijsdiscriminatie is een andere prijs, zonder dat er een verschil in kosten is.
  32. Noem vier gebieden waarop men prijsdiscriminatie kan toepassen
    • plaats
    • tijd
    • afnemer
    • product (geschenkverpakking)
  33. Wat is dumping?
    Het kwijtraken van (overtollige) voorraad voor zeer lage prijzen met als doel winst maken op korte termijn of marktaandeel winnen.
  34. Hoe noemen we toepassen van flinke kortingen ten einde de overtollige voorraad kwijt te raken?
    Dumping
  35. Hoe noemen we het als een product tegen een zeer lage prijs wordt verkocht met als doel snel marktaandeel te winnen of winst te behalen?
    Dumping
  36. Wat voor soort prijszetting is dumping?
    concurrentie- of kostengeoriënteerd
  37. Hoe noemen we het als we een product laag prijzen om zo afnemers te lokken en ze over te halen een duurder product te laten kopen?
    Bait pricing strategie
  38. Wat is het verschil tussen bait pricing en (loss) leader pricing?
    Leader pricing komt voor in de zelfbedieningsdetailhandel
  39. Wat is het verschil tussen loss leader pricing en leader pricing?
    Bij loss leader pricing leidt men op dat product verlies
  40. Welke prijsstrategie past men toe bij trading up?
    Prestige pricing
  41. Wat is het verschil tussen trading up en upgrading?
    Upgrading betreft het hele assortiment, trading up maar 1 artikel
  42. Hoe noemt men het als men werkt met 1 of meer prijscategorieën waar de producten in verdeeld zijn (vaak ronde prijzen)
    Price lining
  43. Hoe noemen we de prijsstrategie behorende bij een assortiment waarin in elke prijscategorie een productvariant is vertegenwoordigd?
    Full line-pricing
  44. Hoe noemen we het als verschillende, bij elkaar horende (vanwege bvb hun functie) goederen worden verkocht in een pakket voor 1 prijs?
    Prijsbundeling
  45. Welke 7 soorten kortingen kennen we?
    • Functionele kortingen
    • Kwantumkorting
    • Omzetbonus 
    • Prestatiebonus
    • Betalingskorting
    • Seizoenkorting
    • Promotionele korting
  46. Welke korting hoort niet tot het prijsbeleid?
    De promotionele korting
  47. Wat hebben kortingen als gemeenschappelijk kenmerk?
    Er staat een prestatie tegenover, behalve bij promotionele kortingen
  48. Wat zijn 2 andere benamingen voor functionele korting?
    • functioneel rabat
    • marge
  49. Hoe noemen we het deel dat de grossier en detaillist krijgen van de fabrikant waar ze zaken mee doen?
    • marge
    • functionele korting
    • functioneel rabat
  50. Hoe noemt men de korting die men ontvangt als men ineens een grote partij koopt?
    Kwantumkorting
  51. Wat is een ander woord voor omzetbonus?
    cumulatieve kwantumkorting
  52. Wat is het verschil tussen kwantumkorting en cumulatieve kwantumkorting?
    Bij cumulatieve kwantumkorting wordt de korting verrekend vanaf een bepaalde minimum afname gedurende een periode. Bij kwantumkorting gaat het om 1 grote afname.
  53. Welke korting hoort bij de oplopende korting die men krijgt als men gedurende een periode een bepaalde hoeveelheid heeft afgenomen?
    omzetbonus of cumulatieve kwantumkorting
  54. Hoe noemen we de korting die een wederverkoper ontvangt als hij zich zeer goed heeft ingezet om de gekochte waar te verkopen?
    Prestatiebonus
  55. Hoe noemen we de korting die men krijgt als de betaling zeer snel wordt afgehandeld?
    Betalingskorting
  56. Wat is tegenwoordig het alternatief voor de betalingskorting?
    Men betaalt vooraf een percentage dat men bij snelle betaling terugkrijgt.
  57. Noem een voorbeeld van een product waarbij seizoenskorting wordt toegepast.
    Schaatsen
  58. Wat is een belangrijk kenmerk van promotionele kortingen?
    Het zijn tijdelijke prijsverlagingen, gericht op de consumentenmarkt.
  59. Hoe noemen we het beleid van de ondernemer die het initiatief voor het te voeren prijsbeleid bij de concurrent laat?
    Passief prijsbeleid
  60. Noem drie voorbeelden van passief prijsbeleid
    • Follow the leader pricing
    • Prijskartel
    • Going rate pricing
  61. Wat is een ander woord voor me too-pricing?
    Follow the leader pricing

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview