NIMA Marketing A hfd 35.2

Card Set Information

Author:
Sophie1984
ID:
280498
Filename:
NIMA Marketing A hfd 35.2
Updated:
2014-08-11 06:28:28
Tags:
NIMA Marketing hfd 35
Folders:
NIMA Marketing A hfd 35.2
Description:
NIMA Marketing A hfd 35.2
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Sophie1984 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Welke drie fasen onderzoeken we binnen het reclameonderzoek?
    • strategische fase
    • creatiefase
    • evaluatiefase
  2. Welke onderzoeksvormen gebruiken we in de strategische fase van het reclameonderzoek?
    • continu onderzoek (winkelpanels, consumentenpanels etc.)
    • ad-hoconderzoek (imago onderzoek)
    • onderzoek naar gedrag gebruiks- en koopgewoonten
    • producttests
    • etc.
  3. Welk soort onderzoek passen we toe in de creatiefase van het reclame onderzoek?
    kwalitatief onderzoek
  4. Hoe noemen we het onderzoek in de evaluatiefase van het reclame onderzoek?
    reclame effectiviteitsonderzoek
  5. Noem de 7 reclame werkingsmodellen
    • sales response model
    • persuasion model
    • relationship model
    • awareness model
    • emotions model
    • likeability model
    • symbolism model
  6. Omschrijf het sales response model
    de koopdaad is een direct effect van de reclame uiting
  7. Hoe noemen we het reclame werkingsmodel waarbij de koop een direct gevolg is van een confrontatie met de reclame uiting?
    sales response model
  8. Omschrijf het persuasion model
    • een kortetermijneffect halen door het stimuleren van probeeraankopen
    • daarnaast bestaande gebruikers stimuleren meer te kopen (verhogen share-of-customer)
  9. Welk reclame werkingsmodel stimuleert voornamelijk probeeraankopen en een beetje herhalingsaankopen?
    persuasionmodel
  10. Wat is share-of-customer?
    hoeveel deel van de aankopen van een afnemers de aanbieder 'bezit'
  11. Hoe noemen we het deel van de aankopen die een afnemer bij een bepaalde aanbieder doet?
    share-of-customer
  12. Welk reclame werkingsmodel streeft ernaar een betere relatie met afnemers te krijgen?
    relationship model
  13. Wat is toma?
    top-of-mind-awareness
  14. Hoe noemen we top-of-mind-awareness ook wel?
    toma
  15. Welk reclamewerkingsmodel heeft als doel top-of-mind-awareness van dat merk te realiseren bij de afnemer?
    awareness model
  16. Welk reclamewerkingsmodel streeft ernaar specifieke gevoelens op te wekken bij de afnemer en deze gevoelens te associeren met het merk?
    emotions model
  17. Wat is het verschil tussen het relation model en het emotions model?
    Het relations model gaat puur om de relatie, het emotions model gaat om een bepaalde emotie die men associeert met het merk
  18. Wat is het verschil tussen het emotions model en het likeability model?
    Het emotion model streeft ernaar dat de afnemer een bepaalde emotie associeert met het merk, het likeability wil een positieve uitstraling realiseren
  19. Omschrijf het likeability model
    men streeft ernaar een positieve uitstraling te hebben op de doelgroep
  20. Wat is het verschil tussen het relations model en het likeability model?
    een relatie is echt een relatie en likeability wil aardig gevonden worden
  21. Omschrijf het symbolism model
    men ontwikkelt symbolische betekenissen gekoppeld aan het merk, de afnemer gebruikt deze symbolen om zijn identiteit te bevestigen (marlboro is stoere, vrije cowboy)
  22. Hoe noemt men de testen aan het begin en het einde van een reclameonderzoek?
    pretesting en posttesting
  23. Welk soort onderzoek is pretesting meestal?
    laboratoriumonderzoek
  24. Noem 6 vormen van pretesting
    • direct rating
    • portfoliotest
    • dummymagazine
    • Adkom-methode
    • laboratoriummeettechnieken
    • split-run-test
  25. Omschrijf direct rating bij reclame onderzoek
    • Respondenten krijgen (schriftelijk) een enquête met vragen over een of meer advertenties
    • de reclame met de hoogste score wordt gezien als de beste uit de test
  26. Hoe noemen we de pretest bij reclame onderzoek waarbij men de respondenten enquêteert over verschillende advertenties en de reclame met de hoogste score wordt gezien als de meest wenselijke reclame?
    direct rating
  27. Wat meet men bij de portfoliotest?
    • selectieve aandacht
    • selectieve herinnering (recall)
  28. Omschrijf de portfoliotest
    De respondenten krijgen een map met advertenties, deze nemen ze door en na afloop moet men vertellen welke advertenties zijn herinnerd. Er zitten maar een paar testadvertenties tussen
  29. Omschrijf het dummy magazine
    een magazine met een aantal test advertenties, de selectieve retentie en selectieve recall worden gemeten
  30. Omschrijf de Adkom methode
    onderzoeksmethode van Instituut voor Psychologisch Marktonderzoek (IPM), proefpersonen krijgen de advertenties enkele seconden te zien en worden er daarna over ondervraagt
  31. Wie voert de Adkom methode uit?
    Instituut voor Psychologisch Marktonderzoek (IPM)
  32. Wat is het IPM?
    Instituut voor Psychologisch Marktonderzoek
  33. Omschrijf hoe laboratoriummeettechnieken worden ingezet bij pretest reclame onderzoek
    Waarnemingsonderzoek met allerlei apparaten worden bloeddruk, irisscans gemeten etc.
  34. Wanneer voert men de posttest uit?
    Als de reclame uiting is verschenen
  35. Welk doel beoogt men te onderzoeken bij posttesting en welk doel niet?
    communicatie effectiviteit en niet omzet effectiviteit
  36. Noem de drie vormen van posttest bij reclame onderzoek
    • herinneringstest of recall test
    • herkenningstest of recognition test
    • impactonderzoek
  37. In welke twee groepen delen we de herinneringstest of recall test?
    • aided recall
    • unaided recall
  38. Wat is een andere term voor herinneringstest?
    recall test
  39. Wat is een andere naam voor recall test?
    herinneringstest
  40. Wat is een andere naam voor herkenningstest?
    recognition test
  41. Wat is een andere naam voor recognition test?
    herkenningstest
  42. Omschrijf het impactonderzoek
    Een combinatie van recall en recognition test
  43. Wie voert het impactonderzoek uit?
    TNS NIPO
  44. Omschrijf mediaonderzoek
    De eigenschappen van media en van de personen die met media worden geconfronteerd, analyseren.
  45. In welke drie soorten onderzoek delen we mediaonderzoek?
    • redactioneel onderzoek
    • bereiksonderzoek
    • opinieonderzoek
  46. Omschrijf redactioneel onderzoek
    De afzonderlijke media titels onderzoeken, bv met productonderzoek, content onderzoek en de productformule
  47. Omschrijf opinieonderzoek
    Een onderzoek naar meningen van de lezers/kijkers/luisteraars van een medium. Het heeft meer een nieuwskarakter
  48. Omschrijf het bereisonderzoek
    Onderzoek naar het bereik van een medium
  49. Welke twee soorten bereikonderzoek onderscheiden we?
    • unimediaonderzoek 
    • multimediaonderzoek
  50. Omschrijf unimediaonderzoek
    Een enquête onder abonnees van een medium
  51. Welke twee doelen heeft unimediumonderzoek?
    • informatie verschaffen voor het eigen beleid
    • informatie verschaffen aan adverteerders
  52. Omschrijf multimediaonderzoek
    Een collectief onderzoek onder lezerskringen
  53. Wie voert de NOM Printmonitor en Doelgroepmonitor uit en wie geeft daar opdracht toe?
    Intomart GfK in opdracht van Nationaal Onderzoek Multimedia (NOM)
  54. Wie voert hét mediabereik onderzoek uit?
    Intomart GfK

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview