NIMA Marketing A hfd 38.1

Card Set Information

Author:
Sophie1984
ID:
280698
Filename:
NIMA Marketing A hfd 38.1
Updated:
2014-08-16 05:26:27
Tags:
NIMA Marketing hfd 38
Folders:
NIMA Marketing A,hfd 38.1
Description:
NIMA Marketing A hfd 38.1
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Sophie1984 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Wat is STP?
    • Segmentatie
    • Targeting
    • Positionering
  2. Wat is het segmenteren van de markt?
    Het verdelen van grote, heterogene markten in kleinere subgroepen consumenten, waarbij elk segment homogeen is.
  3. Wat is target marketing?
    het bepalen van de juiste doelgroep(en)
  4. Wat is positioneren?
    Het innemen van een positie die gunstig is ten opzichte van de doelgroep en waarmee men zich kan onderscheiden van de doelgroep
  5. Wat is een ander woord voor deelmarkt?
    segment
  6. Wat is een ander woord voor segment?
    deelmarkt
  7. Wat is een segment?
    Een deel van een markt; een groep afnemers met gemeenschappelijke eigenschappen, waarvoor het wenselijk kan zijn een specifieke marketingstrategie of marketingmix toe te passen.
  8. Geef de definitie van marktsegmentatie
    Het opdelen van een markt in verschillende te onderscheiden (homogene) groepen afnemers, waarvoor het wenselijk kan zijn een specifieke marketingstrategie of marketingmix toe te passen.
  9. Noem drie factoren die hebben bijgedragen aan het ontstaan van de behoefte aan marktsegmentatie
    • toegenomen welvaart
    • toegenomen opleidingsniveau (men wordt kritischer)
    • toegenomen concurrentie
  10. Noem 7 dingen waar segmentatie inzicht in geeft
    • welke doelgroep de beste mogelijkheden heeft
    • welke productvarianten geproduceerd moeten worden
    • welke trends en veranderingen in de markt spelen
    • hoe het reclamebudget het beste verdeeld kan worden
    • welke koopmotieven men het beste kan aanspreken in communicatie uitingen
    • welke media men het beste kan inzetten
    • welk distributiekanaal men het beste kan inzetten
  11. Noem 4 nadelen van segmentatie
    • kosten van het marktonderzoek
    • kosten van het ontwerpen en produceren van verschillende productvarianten
    • kosten van de reclame voor verschillende segmenten
    • kosten voor het aanhouden van voorraden en de administratieve afwikkeling daarvan
  12. Aan welke 4 criteria moet een segment voldoen wil het goed bruikbaar zijn als segment?
    • meetbaar en identificeerbaar zijn
    • bereikbaar zijn
    • homogeen zijn binnen de segmenten en heterogeen zijn tussen de segmenten
    • een voldoende grote omvang en koopkracht hebben
  13. Geeft elke variabele een duidelijk verschil weer tussen segmenten?
    nee
  14. Wat moet men doen als er heterogeniteit bestaat binnen een segment?
    verder segmenteren
  15. Moet de omvang van een segment bij een duur product net zo groot zijn als de omvang van een segment van een goedkoop product?
    Nee, hoe duurder, hoe kleiner de omvang mag zijn
  16. Op welke twee manieren delen we de segmentatie variabelen in?
    • subjectief en objectief
    • algemeen en situatiegebonden
  17. Wie maakte een indeling van segmentatie variabelen naar geografische, demografische, psychologische en gedragscriteria?
    Kotler
  18. Noem drie voorbeelden van algemene segmentatie variabelen
    • woonplaats
    • inkomen opleiding
  19. Wat zijn algemene segmentatie variabelen?
    algemene kenmerken van de consument, los van het product waarvoor men wil segmenteren
  20. Wat zijn situatie gebonden segmentatie variabelen?
    variabelen die te maken hebben met de reactie van een afnemers op het product/merk
  21. Noem drie voorbeelden van situatie gebonden segmentatie variabelen
    • koopgewoontes
    • productgebruik
    • merkentrouw 
    • winkelbezoek
  22. Omschrijf de objectieve segmentatie variabelen
    • liggen vast en worden niet beïnvloed door de interpretatie van de afnemer
  23. Noem drie voorbeelden van objectieve segmentatie variabelen
    • leeftijd
    • geslacht
    • gebruiksfrequentie
  24. Omschrijf subjectieve segmentatie variabelen
    variabelen waarbij de ondervraagde zelf de schaal kan aangeven en de variabelen zelf kan interpreteren
  25. Noem twee voorbeelden van subjectieve segmentatie variabelen
    • attitudes
    • persoonlijkheidskenmerken
  26. Op welke manier vullen algemene segmentatie variabelen en situatie gebonden segmentatie variabelen elkaar aan?
    algemene variabelen zijn meetbaar, maar geven weinig informatie over het koopgedrag. situatiegebonden variabelen geven dat wel, maar zijn weer moeilijk meetbaar
  27. Noem de drie soorten algemene, objectief meetbare segmentatie variabelen
    • geografisch
    • demografisch
    • socio-economisch
  28. Noem 4 voorbeelden van geografische variabelen
    • land
    • streek
    • plaats
    • klimatologisch gebied
  29. Bij welke indeling zijn de geografische segmentatie variabelen ingedeeld?
    algemene, objectief meetbare variabelen
  30. Wat is geodemografische segmentatie?
    Een systeem waarin kenmerken van de bebouwing (stad/dorp) en kenmerken van de bewoners zijn vastgelegd binnen postcodegebieden
  31. Hoe noemen we het systeem dat gegevens bevat van de urbanisatie en kenmerken van de bewoners?
    • geodemografische segmentatie
    • postcodesysteem
    • postcodesegmentatie
  32. Wat gebruiken we bij geodemografische segmentatie?
    • postcodesegmentatie
    • postcodesysteem
  33. Waarbij is het postcodesysteem een hulpmiddel?
    geodemografische segmentatie
  34. Noem 7 voorbeelden van demografische segmentatie variabelen
    • leeftijd
    • geslacht
    • burgerlijke staat
    • religie
    • kindertal
    • gezinsgrootte
    • gezinslevenscyclus
  35. Noem 5 voorbeelden van socio-economische variabelen
    • inkomen
    • beroep
    • opleiding
    • sociale klasse
    • welstandklasse
  36. Waarvoor is het inkomen een indicator?
    koopkracht
  37. Waarom is de welstandsklasse een betere indicator dan het inkomen?
    de welstandsklasse zegt ook iets over het gedrag en de voorkeuren
  38. Onder welke segmentatie variabelen indeling vallen de demografische variabelen?
    algemene, objectief meetbare segmentatie variabelen
  39. Onder welke segmentatie variabelen indeling vallen de socio-economische variabelen?
    algemene, objectief meetbare segmentatie variabelen indeling
  40. Welke twee soorten variabelen vallen onder de algemene, subjectief meetbare segmentatievariabelen?
    • persoonlijkheidsvariabelen
    • levensstijlvariabelen
  41. Onder welke segmentatie variabelen indeling vallen de persoonlijkheidsvariabelen?
    algemene, subjectief meetbare segmentatie variabelen
  42. Onder welke segmentatie variabelen indeling vallen de levensstijlvariabelen?
    algemene, subjectief meetbare segmentatievariabelen
  43. Waarbij kan kennis van de persoonlijkheidsvariabelen van pas komen?
    bij het ontwerpen van het merkimage in reclame uitingen
  44. Zijn de persoonlijkheidsvariabelen belangrijk bij het segmenteren van de markt?
    nee
  45. Omschrijf de levensstijl
    samenhangend patroon van expressieve gedragskeuze en smaakuitingen
  46. Hoe noemen we het samenhangend patroon van expressieve gedragskeuze en smaakuitingen?
    levensstijl
  47. Noem drie voorbeelden van levensstijlvariabelen
    • opinies
    • activiteiten
    • interesses
  48. Wat is het verschil tussen gewone levensstijlvariabelen en specifieke levensstijlvariabelen?
    specifiek is situatiegebonden
  49. Hoe noemen we de situatiegebonden levensstijlvariabelen?
    specifieke levensstijl variabelen
  50. Welke variabelen vallen onder de situatiegebonden, objectief meetbare segmentatievariabelen?
    • gedragsvariabelen:
    • gebruik
    • merken- en winkeltrouw
    • reactie op de marketingmix
  51. Welke drie subvariabelen vallen onder de situatiegebonden, objectief meetbare segmentatievariabelen?
    • reactie op de marketingmix
    • merk- en winkeltrouw
    • gebruik
  52. Onder welke segmentatie variabelen indeling valt het gebruik?
    situatiegebonden, objectief meetbare segmentatie variabelen
  53. Onder welke indeling van segmentatie variabelen valt merkentrouw?
    situatiegebonden, objectief meetbare segmentatie variabelen
  54. Onder welke segmentatie variabelen indeling valt de reactie op de marketingmix?
    situatiegebonden, objectief meetbare segmentatie variabelen
  55. Welke soorten gebruikers onderscheiden we?
    • heavy users
    • light users
    • non-users
  56. Wanneer heeft segmentatie naar gebruik geen zin?
    als er tussen de heavy users, light users en non users behalve het gebruik weinig andere verschillen zijn
  57. Op welke afnemers kan men zich het beste richten als men een groter marktaandeel wil bereiken, merkentrouwe of minder merkentrouwe afnemers??
    minder merken trouw, die switchen sneller
  58. Wanneer weet je of een afnemer winkeltrouw is en niet merkentrouw?
    als de winkelier van merk switcht en de klanten blijven komen
  59. Op welke manier kunnen consumenten anders reageren op de marketingmix?
    de ene is meer beïnvloedbaar dan de ander
  60. Welke 4 variabelen vallen binnen de indeling van de segmenten variabelen die situatiegebonden en subjectief meetbaar zijn?
    • specifieke levensstijl
    • attitudes
    • benefits (voorkeuren)
    • koopintenties
  61. Wat is een ander woord voor voorkeuren?
    benefits
  62. Wat is een ander woord voor benefits?
    voorkeuren
  63. Onder welke indeling van segmentatie variabelen valt de specifieke levenstijl?
    situatiegebonden, subjectief meetbare segmentatievariabelen
  64. Onder welke indeling van segmentatievariabelen vallen attitudes?
    situatiegebonden, subjectief meetbare segmentatievariabelen
  65. Onder welke indeling van segmentatievariabelen vallen variabelen mbt benefits?
    situatiegebonden, subjectief meetbare segmentatie variabelen
  66. Onder welke indeling van segmentatie variabelen vallen variabelen met betrekking tot koopintenties?
    situatiegebonden, subjectief meetbare segmentatievariabelen
  67. Geef de definitie van benefitsegmentatie
    Marktsegmentatie waarbij groepen afnemers worden onderscheiden op grond van hun overeenkomst in termen van wat zij als belangrijkste functie zien bij het kopen van een product
  68. Op welke manier verschillen segmenten als het gaat om benefits?
    Het belang dat de segmenten aan bepaalde producteigenschappen toekennen.
  69. Hoe kan men benefitvariabelen ook zien en waarom?
    psychografische segmentatie, omdat het om psychologische variabelen gaat
  70. Wat is psychografische segmentatie?
    Marktsegmentatie waarbij de markt wordt opgedeeld met behulp van psychografische kenmerken in afnemersgroepen, voor wie het wenselijk kan zijn een afzonderlijke marktbenadering toe te passen

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview