NIMA Marketing A hfd 38.2

Card Set Information

Author:
Sophie1984
ID:
280700
Filename:
NIMA Marketing A hfd 38.2
Updated:
2014-08-18 04:43:57
Tags:
NIMA Marketing hfd 38
Folders:
NIMA Marketing A hfd 38.2
Description:
NIMA Marketing A hfd 38.2
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Sophie1984 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Wat zijn de twee stappen van de industriële marktsegmentatie?
    • macrosegmentatie
    • microsegmentatie
  2. Geef de definitie van macrosegmentatie
    Een vorm van industriële marktsegmentatie waarbij als eerste stap in de segmentatieprocedure de totale markt wordt opgedeeld in afnemers met gemeenschappelijke karakteristieken die niet direct aan het koopgedrag van de organisaties gekoppeld zijn.
  3. Noem 5 voorbeelden van macrosegmentatievariabelen
    • omvang van de afname
    • grootte van de organisaties
    • aard van de organisatiestructuur
    • geografische ligging
    • markt waarop de organisaties opereren
  4. Wat is de definitie van microsegmentatie?
    Een vorm van marktsegmentatie in de business-marketing, waarbij de macrosegmenten verder worden opgedeeld op basis van aankoopgedrag van de organisaties
  5. Wat is het verschil tussen macro- en microsegmentatie?
    Micro is op basis van het aankoopgedrag en macro op andere variabelen
  6. Spelen psychologische kenmerken van industriële afnemers bij microsegmentatie een rol?
    ja, een heel belangrijke zelfs
  7. Wat is de BIK-code?
    Bedrijfsindeling Kamers van Koophandel en Fabrieken
  8. Wat is targeting?
    Bepalen op welke segmenten men zich wil richten en op welke manier men deze wil bewerken
  9. Geef de definitie van segmentatiestrategie
    Op basis van de segmentatieanalyse beslissen of men een of meer segmenten geconcentreerd, gedifferentieerd of ongedifferentieerd benadert.
  10. Wat zijn twee andere namen voor ongedifferentieerde marketing?
    • marktaggregatie
    • massamarketing
  11. Wat zijn twee andere namen voor marktaggregatie?
    • ongedifferentieerde marketing
    • massamarketing
  12. Wat zijn 2 andere namen voor massamarketing?
    • ongedifferentieerde marketing
    • marktaggregatie
  13. Wat is marktaggregatie?
    de markt wordt als 1 geheel beschouwt en er wordt 1 marketingprogramma toegepast
  14. Hoe noemen we het als men de markt als een geheel beschouwt en geen apart marketingprogramma toepast voor de verschillende segmenten?
    ongedifferentieerde marketing
  15. Wanneer past men ongedifferentieerde marketing toe?
    • bij producten die maar 1 nut hebben (maar 1 behoefte bevredigen)
    • introductie van geheel nieuwe producten
  16. Wat is gedifferentieerde marketing?
    Een segmentatiestrategie waarbij ene organisatie zich met verschillende marketingprogramma's op verschillende marktsegmenten richt
  17. Wat zijn de nadelen van gedifferentieerde marketing?
    • hogere kosten
    • complexere organisatie
  18. Wat gebeurt er als men producten ontwikkelt voor verschillende segmenten en deze segmenten niet zo heterogeen blijken te zijn als men dacht?
    Het segment waarvoor het product niet bedoeld was, is toch geïnteresseerd en koopt het ten koste van het product dat voor dat segment was bedoeld; kannibalisme
  19. Wat is geconcentreerde marketing?
    Men richt zich op 1 marktsegment met een op dat segment gerichte marketingmix.
  20. Wat is een ander woord voor geconcentreerde marketing?
    niche marketing
  21. Wat is een ander woord voor niche marketing?
    geconcentreerde marketing
  22. Wat is een nadeel van geconcentreerde marketing?
    men zet alles op 1 segment, als dat misgaat is men alles kwijt
  23. Voor wie is geconcentreerde marketing geschikt?
    Voor jonge ondernemingen die nieuw op de markt zijn
  24. Hoe noemen we het als we de markt opdelen in extreem kleine segmenten?
    hypersegmentatie
  25. Wat is hypersegmentatie?
    de markt indelen in extreem kleine segmenten
  26. Wat is countersegmentatie of contrasegmentatie?
    men voegt segmenten weer samen
  27. Wat is een ander woord voor countersegmentatie?
    contrasegmentatie
  28. Wat is een ander woord voor contrasegmentatie?
    countersegmentatie
  29. Hoe noemen we het samenvoegen van verschillende segmenten? (2 termen)
    • countersegmentatie
    • contrasegmentatie
  30. Welke hoofdgedachte bij positionering is belangrijk?
    Niet het eigen product centraal stellen, maar inspelen op de bestaande gedachtenwereld van de consument
  31. Wat is positioneren?
    Het proberen te realiseren van een bepaalde relatieve positie van een product, organisatie of merk in de perceptie van de afnemers ten opzichte van vergelijkbare concurrenten
  32. Met welke drie elementen moet men rekening houden bij positionering?
    • consument
    • product, merk of winkelformule
    • concurrent
  33. Hoe stelt men de positioneringsgrafiek samen?
    met perceptual mapping
  34. Wat kan men lezen uit de positioneringsgrafiek (3 dingen)?
    • hoe concurrenten scoren
    • hoe men zelf scoort
    • waar het ideaalpunt ligt
  35. Wat is perceptual mapping?
    het in kaart brengen van de positie van de percepties van afnemers m.b.t. organisaties
  36. Welke onderzoektool passen we toe bij het bepalen van onze positie?
    positioneringsgrafiek
  37. Wat betekent een grote cirkel in een positioneringsgrafiek?
    daar liggen veel percepties van afnemers
  38. Hoe herkent men het ideaalpunt in een positioneringsgrafiek?
    het is de grootste cirkel
  39. Noem 3 motieven voor herpositionering
    • concurrentie is zeer sterk geworden in het huidige gebied
    • de ideaalscore is veranderd
    • nieuwe zaken als het modebeeld of technologische ontwikkelingen dwingen tot herpositionering
  40. Gaat herpositionering altijd bewust?
    ja

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview