3TL De Koude Oorlog

Card Set Information

Author:
dke
ID:
282071
Filename:
3TL De Koude Oorlog
Updated:
2014-09-09 02:33:53
Tags:
geschiedenis Berlijn KoudeOorlog
Folders:

Description:
Begrippenlijst van themakatern De Koude Oorlog
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user dke on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. communisme
    politieke stroming die gelooft dat de armoede kan worden opgelost door privébezit af te schaffen. Alle bezittingen zijn eigendom van de staat
  2. Russische Revolutie
    revolutie in Rusland in 1917, waarbij de communisten de tsaar afzetten en de macht overnamen
  3. kapitalisme
    economisch systeem waarin ondernemers zoveel mogelijk winst proberen te maken. De grond, bedrijven en het kapitaal zijn in het bezit van de ondernemers.
  4. Conferentie van Jalta
    bijeenkomst van de leiders van GrBr, de VS en SU in februari 1945 waar zij afspraken maakten over de periode na de Tweede Wereldoorlog

  5. Koude Oorlog
    een periode van spanning tussen de communistische Sovjet Unie en de kapitalitische VS waarin er steeds een oorlog dreigde tussen beide partijen, maar er nooit een directe oorlog kwam
  6. invloedsfeer
    gebied waar de VS of de SU het direct of indirect voor het zeggen hadden
  7. vrijemarkteconomie
    economie waarin vraag en aanbod bepalen wat er wordt geproduceerd en hoe hoog de prijzen zijn
  8. planeconomie
    economie waarin de regering bepaalt wat de bedrijven moeten maken en hoe hoog de prijzen zijn
  9. IJzeren Gordijn
    grenslijn tijdens de Koude Oorlog tussen Oost- en West-Europa die zwaar bewaakt werd

  10. Trumanleer
    opvatting van de Amerikaanse president Truman dat de VS het recht hadden een land te helpen als daar communisten aan de macht probeerden te komen
  11. Marshallhulp
    hulp die de VS na de Tweede Wereldoorlog aan alle Europese landen aanbood om de economieën op te bouwen
  12. containment-politiek
    Amerikaanse politiek om de communistische invloed in de wereld in te dammen
  13. Westblok
    groep kapitalistische landen onder leiding van de VS
  14. Oostblok
    groep communistische landen onder leiding van de SU
  15. wapenwedloop
    soort wedstrijd tussen het Oostblok en het Westblok waarbij beide partijen steeds meer en krachtiger (kern)wapens ontwikkelden om zich veiliger te voelen en de andere partij af te schrikken

  16. blokkade van Berliljn
    afsluiting van alle toegangswegen en stroomtoevoer naar West-Berlijn tussen juni 1948 en mei 1949 in opdracht van Stalin
  17. luchtbrug
    bevoorrading met vliegtuigen van West-BErlijn tijdens de blokkade van Berlijn (1948/1949)
  18. BRD (Bondsrepubliek Duitsland)
    West-Duitsland

  19. NAVO
    Noord Atlantische Verdrags Organisatie (in Engels: NATO). Militair bondgenootschap van het Westblok sinds 1949 onder leiding van de VS
  20. DDR (Duitse Democratische Republiek)
    Oost-Duitsland

  21. Warschaupact
    militair bondgenootschap van het Oostblok sinds 1955 onder leiding van de SU
  22. Wirtschaftswunder
    wonderbaarlijk snel herstel en groei van de West-Duitse economie in de jaren '50
  23. Berlijnse Muur
    Een muur op de grens tussen Oost- en West-Berlijn tijdens de Koude Oorlog

  24. Stasi
    Oost-Duitse staatsveiligheidsdienst die de burgers in de DDR in de gaten hield
  25. Ostpolitik
    politiek van toenadering van West-Duitsland tot het Oostblok. Bedacht en uitgevoerd door de West-Duitse leider Willy Brandt
  26. Cubacrisis
    crisis in 1962 tijdens de Koude Oorlog tussen de VS en de SU over Russische raketinstallaties op de Cuba
  27. dominotheorie
    Amerikaanse theorie die ervan uit ging dat als 1 land in Zuidoost-Azië communistisch zou worden, andere landen ook communistisch zouden worden

  28. Verenigde Naties (VN; in het Engels: UN)
    organisatie die tot doen heeft de vrede en de veiligheid in de wereld te bewaren en het leven van de mensen te verbeteren
  29. Veiligheidsraad
    belangrijke instelling van de VN die conflicten kan onderzoeken en vervolgens een besluit (resolutie) kan nemen
  30. vetorecht
    het recht om in je eentje een besluit tegen te houden. 'Veto' is een Latijns woord en betekent: 'ik verbied'.
  31. perestrojka
    nieuwe politiek om de Sovjeteconomie te hervormen
  32. glasnost
    nieuwe politiek van openheid waardoor de burgers de mogelijkheid kregen om kritiek te uiten op het communistisch bestuur
  33. nationalisme
    trots zijn op je eigen volk en land
  34. bureaucratie
    situatie waarin er veel papierwerk nodig is om dingen te regelen
  35. democratie
    manier van besturen waarbij het volk veel invloed heeft op hoe het land bestuurd wordt
  36. dictatuur
    manier van besturen waarbij de macht in handen van 1 persoon of een kleine groep is. Het volk heeft geen inspraak en wordt onderdrukt.
  37. Geallieerden
    landen die tijdens WO2 samenwerkten om Duitsland te verslaan
  38. guerillaoorlog
    manier van oorlogvoeren waarbij steeds onverwachts korte aanvallen worden uitgevoerd in kleine groepen
  39. heilstaat
    soort paradijs waarin alles perfect is en iedereen gelukkig is.
  40. permanente leden
    vaste leden die niet worden gekozen, maar altijd lid zijn
  41. politieke gevangenen
    mensen die gevangen zitten vanwege hun ideeën
  42. propaganda
    politiek reclame om tegenstanders zwart te maken of om het volk enthousiast te maken of te houden
  43. John F. Kennedy (JFK)
    president van de VS van 1961 t/m 1963 totdat hij in Dallas werd vermoord

  44. Michael Gorbatsjov
    partijeleider en president van de SU (1985-1991) totdat de SU ophield te bestaan

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview