Nederlands Lektion3

Card Set Information

Author:
mav83
ID:
284687
Filename:
Nederlands Lektion3
Updated:
2014-10-02 04:55:01
Tags:
Nederlands Lektion3
Folders:

Description:
PONS Power-Kurs Niederländisch Lektion 3
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user mav83 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. Spüle/Arbeitsplatte (in der Küche)
    het aanrecht
  2. Badezimmer
    de badkamer
  3. Bälle
    de ballen
  4. Banane
    de banaan
  5. Bett
    het bed
  6. einigermaßen
    best wel
  7. Borte
    de bies
  8. drinnen, rein
    binnen
  9. Dose
    het blik
  10. Bücherregal
    de boekenkast
  11. Bombe
    de bom
  12. böse, sauer
    boos
  13. Knochen
    het bot
  14. Schreibtisch
    het bureau
  15. Champignons
    de champignons
  16. Computer
    de computer
  17. dort
    daar
  18. Dankeschön!
    Dank je!
  19. Teig
    het deeg
  20. trinken
    drinken
  21. ein bisschen
    een beetje
  22. Esstisch
    de eettafel
  23. sehr
    erg
  24. essen
    eten
  25. Sessel
    de fauteuil
  26. Flasche
    de fles
  27. Herd
    het fornuis
  28. Haubentaucher
    de fuut
  29. Flur
    de gang
  30. kein(e)
    geen
  31. gut
    goed
  32. Gracht
    de gracht
  33. hängen
    hangen
  34. sehr gerne
    heel erg graag
  35. herrlich
    heerlijk
  36. ganz und gar nicht
    helemaal niet
  37. Ecke
    de hoek
  38. Hallo!
    Hoi!
  39. Hunger
    de honger
  40. Haus
    het huis
  41. etwas
    iets
  42. ja
    ja
  43. Zimmer
    de kamer
  44. Schrank
    de kast
  45. Küche
    de keuken
  46. Küchenschränkchen
    het keukenkastje
  47. Kaffee
    de koffie
  48. Tässchen, Tasse
    het kopje
  49. Lampe
    de lamp
  50. Luxus
    de luxe
  51. luxuriös
    lux
  52. Mond
    de maan
  53. Monde
    de manen
  54. Männer
    de mannen
  55. mitkommen
    meekomen
  56. Meise
    de mees
  57. meistens
    meestal
  58. Messer (Sg./Pl.)
    het mes, de messen
  59. Modem
    de/het modem
  60. Mauern, Wände
    de muren
  61. Mauer, Wand
    de muur
  62. Musikanlage
    de muziekinstallatie
  63. Nachttisch
    het nachtkastje
  64. Nachttische
    de nachtkastjes
  65. nämlich
    namelijk
  66. nicht sehr
    niet zo
  67. ziemlich
    nogal
  68. jetzt
    nu
  69. weil
    omdat
  70. unglaublich gut
    ongelofelijk goed
  71. wahnsinnig gut
    ontzettend goed
  72. in einem Studentenzimmer wohnen
    op kamers wonen
  73. Birne
    de peer
  74. Pizza
    de pizza
  75. Poster
    de poster
  76. Drucker
    de printer
  77. Fenster
    het raam
  78. Widder
    de ram
  79. Kunstdruck
    de reproductie
  80. Saft
    het sap
  81. Gemälde
    het schilderij
  82. Scheune
    de schuur
  83. Schlafzimmer
    de slaapkamer
  84. schlafen
    slapen
  85. schneiden
    snijden
  86. Spiegel
    de spiegel
  87. stehen
    staan
  88. steil
    steil
  89. Stuhl
    de stoel
  90. Tisch
    de tafel
  91. Team
    het team
  92. zufrieden
    tevreden
  93. Toilette
    het toilet
  94. Tomaten
    de tomaten
  95. Treppe
    de trap
  96. Garten
    de tuin
  97. Aussicht
    het uitzicht
  98. weiter
    verder
  99. Heizung
    de verwarming
  100. finden
    vinden
  101. Fisch
    de vis
  102. Fische
    de vissen
  103. Teppich
    het vloerkleed
  104. ziemlich, relativ, frei
    vrij
  105. relativ klein
    vrij klein
  106. WC
    de wc
  107. Wetter
    het weer
  108. Arbeitszimmer
    de werkkamer
  109. Wein
    de wijn
  110. Wohnzimmer
    de woonkamer
  111. Aber natürlich!
    Zekers!
  112. Lust
    de zin
  113. Dachboden
    de zolder

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview