scheikunde 2 - voeding

Card Set Information

Author:
Nick99
ID:
291666
Filename:
scheikunde 2 - voeding
Updated:
2014-12-15 15:20:09
Tags:
scheikunde voeding isoleren
Folders:

Description:
vragen over hoofdstuk 2
Show Answers:

Home > Flashcards > Print Preview

The flashcards below were created by user Nick99 on FreezingBlue Flashcards. What would you like to do?


  1. hoe heet het proces om aardappelzetmeel te scheiden van de rest
    zetmeel uit aardappels isoleren
  2. waardoor kun je heterogene mengsels meestal eenvoudig scheiden
    omdat de vaste stof een grotere dichtheid heeft dan de vloeistof
  3. hoe heet het proces waarbij de vaste stof in een suspensie naar de bodem zakt
    • dit heet bezinken.
    • dit heet ook wel uitzakken of percipiteren
  4. hoe wordt afgieten of afschenken (= heldere vloeistof verwijderen zodat bezinksel overblijft) ook wel genoemd
    decanteren
  5. hoe kun je het bezinken van vaste stof in suspensie wat versnellen
    door te centrifugeren
  6. waarom is centrifugeren vooral nuttig als het juist om de vloeistof en niet om de vaste stof gaat
    vaste stof gaat onder in buisje erg vast zitten, vloeistof is eenvoudig af te gieten
  7. wat is verschil tussen suspensie en emulsie
    • suspensie is mengsel van vaste stof en vloeistof (krijt in water)
    • emulsie is mengsel van twee vloeistoffen (water en olie)
  8. wanneer is zeven als scheidingsmethode geschikt
    als de deeltjes van vaste stof groot genoeg zijn om op een zeef achter te blijven
  9. wat is een filtraat en wat is een residu
    • filtraat is wat door het filtreerpapier heen gaat
    • residu is wat op papier achter blijft (vaste stof)
  10. kun je filtreren ook toepassen bij scheiden van emulsie
    nee, filtreren kan alleen bij suspensie (vaste stof en vloeistof)
  11. wat is een buchnertrechter
    porseleinen trechter met gaatjes, om filtreren sneller te laten verlopen
  12. zeven is gebaseerd op ....
    filtreren is gebaseerd op ....
    bezinken en afgieten is gebaseerd op ....
    centrifugeren is gebaseerd op ...
    • ... verschil in deeltjesgrootte
    • ... verschil in deeltjesgrootte
    • ... verschil in dichtheid
    • ... verschil in dichtheid
  13. wat is geraffineerde suiker
    niet alleen uit suiker geïsoleerd maar ook gezuiverd
  14. wat is adsorberen
    vasthouden van de stoffen, bijvoorbeeld kool bij het zuiveren van suiker. Adsorptie is gebaseerd op verschil in aanhechtingsvermogen van verschillende stoffen
  15. noem een voorbeeld van adsorptie
    koolstoffilter in een gasmasker
  16. op welk principe berust indampen
    op verschil in kookpunt tussen het oplosmiddel en de opgeloste stof (zout in water)
  17. wat is destilleren
    scheidingsmethoden waarbij een vloeistof verdampt en door koeling weer condenseert
  18. wat is een randvoorwaarde bij het destilleren
    de kookpunten van beide stoffen moeten voldoende ver uit elkaar liggen
  19. hoe heet bij destilleren de opgevangen en afgekoelde vloeistof, en hoe heet de vloeistof die in de kolf achterblijft
    de opgevangen en afgekoelde vloeistof heet destillaat, de vloeistof die in de kolf achterblijft heet residu
  20. waarvoor wordt destilleren zoal gebruikt
    voor maken van wijn en drinkwater maken uit zeewater
  21. op welk principe is extraheren gebaseerd
    op het principe dat verschillende stoffen ook verschillende oplosbaarheid kennen
  22. wat is extractiemiddel
    wat is het extract
    en wat is het residu
    extractiemiddel is de vloeistof waarin de ene stof wel oplost en ander niet

    extract is de verkregen oplossing

    residu is de stof die overblijft
  23. wat is bij extraheren een schei-trechter
    hiermee kun je de verschillende vloeistoflagen scheiden door per laag de kraan even open te zetten.
  24. beschrijf het proces van papierchromatografie
    een strook filtreerpapier met kleurstippen in de vloeistof zetten, vloeistof zuigt op (= loopvloeistof) tot bepaalde hoogte (vloeistoffront). Als vloeistof kleurstip passeert lost deel van de kleurstof op. Berust op  verschil in adsorptie (=aanhechtingsvermogen) aan papier en verschil in oplosbaarheid in loopvloeistof
  25. wat is de Rf-waarde
    (afstand die de kleurstof heeft afgelegd) / (afstand die het vloeistoffront heeft afgelegd)

    [eerste gedeeld door het tweede]
  26. hoe geef je scheidingsprocessen weer
    door een blokschema op te stellen waarin in de blokken de bewerkingen staan en de pijlen tussen de blokken de stofstromen aangeven
  27. als scheidingsprocessen worden ontwikkeld, gebruikt men de term 'opschalen'. Wat is dat
    eerst op de schaal van een laboratorium, vervolgens wordt een proeffabriek gemaakt en als alles goed blijkt te werken wordt een grootschalige productie opgestart
  28. hoe bepaal je welke scheidingsmethode je moet kiezen
    Bepaal eerst of je te maken hebt met een heterogene of een homogene oplossing.

    Mag een deel verloren gaan

    Welk deel moet behouden blijven: residu of bijvoorbeeld het filtraat.

    Heb je veel (fabriek) of weinig mengsel (laboratorium)

    Zie verder tabel 2.1 en 2.2 van het boek
  29. wat is omkristalliseren of herkristalliseren
    deel van vloeistof laten verdampen, vuil blijft in oplossing achter, opnieuw oplossen etc Zo wordt stof steeds zuiverder
  30. het percentage van de oorspronkelijk aanwezige stof dat na zuivering of scheiding overblijft heet .....
    ... rendement
  31. welke twee fases worden bij chromatografie onderscheiden
    • stationaire fase : papier
    • mobiele fase : loopvloeistof

What would you like to do?

Home > Flashcards > Print Preview